Door het lint
Hoe dichter bij Dordt, hoe zotter het wordt. In ronde twee rijd ik tot twee keer door de linten die door de parkoersbouwers van DRC De Mol (ook een mooie club) zijn gespannen om de 'interclubbers' de weg te wijzen in hun draai- en keerdoolhof. Verstand op nul, tong op het stuur, de ogen omgekeerd in hun kassen. Ratsss...
Wat eraan voorafging: Brucostart in tweeën. Fase één is als vanouds. Het 'veel plezier, mannen!' van de KNWU-commissaris associeer ik niet direct met een startschot. Maar omdat iedereen als een bezetene begint te tollen, ga ik toch maar op zoek naar mijn linkerpedaal. Gelukkig is de startbaan lang en kan ik heuvelop nog wat mènne voorbijsteken. Want je moet hier niet als laatste het veld in, had ik al genoteerd tijdens de parkoersverkenning. Voor dergelijke inzichten hoef je het clubhuis overigens niet uit. In de wetenschap van het veldrijden (in de kleedkamer stelde veteraan Jan droogjes vast dat we onze tak van sport gerust mogen rekenen tot de wetenschappen), zijn dit soort wetten universeel.
In de smalle bossage die volgt (en waarin ik redelijk behendig nog twee posities opschuif), wordt er en masse geparkeerd. Natuurlijk laat ik me weer veel te gemakkelijk wegdrummen. Nét nu ik er best wel deftig aanklamp, word ik de dupe van andermans fouten. Dat ik áchter die fouten zit en niet ervóór, da's dan weer mijn fout. Vol in de ankers, allerhande fietsonderdelen ontwijken en vooral niet onderuit gaan.
Zoeken naar mijn tweede adem; de eerste is immers vertrapt. Bossage nummer twee doorkruis ik allesbehalve vlot. Als we aan de eerste rechttoe/rechtaanstrook beginnen, ben ik de aansluiting kwijt. Niet iets om me door uit het veld te laten slaan; ik kom altijd terug voor klop.
Ik schakel een tandje bij, in de hoop dat het Verval me nog even bespaard blijft (vroeg of laat ga je kapot in een cross) en dat er nog wat afvalligen in mijn vizier zullen opdoemen. Jammer dat ik die ene helling niet haal (en bijna mijn benen breek als ik, inmiddels van de fiets, de rennende oplossing kies).
Weer wat trucen verder (Dordrecht is echt 'gestoken' voor techneuten, zeker dit keer) haal ik de volgende helling wél. Jammer dat 't daarboven inmiddels is ontdooid (tijdens de warming-up was 't stervenskoud en was de ondergrond keihard): mijn voorwiel zegt me vaarwel. Even denk ik dat mijn enkel deze modderinspectie niet heeft overleefd (later zal ik merken dat 't de rug is die het te verduren heeft gekregen). Maar één DNFi in Dordrecht (die van vorig jaar) is genoeg.
Rupsje gaat er vandaag wél een einde aan breien, hoe dan ook. Opgepompt tot en met haspel ik de resterende meters (inclusief nog wat übertechnische geintjes, inclusief een diepgevroren zandbak—mooi werk!) van ronde één af en passeer als... jawel... één-na-laatste de spreekstalmeester. Die merkt droogjes op dat mijn kledij niet meer schoon is. 'Goed gegrond', denk ik dan.
Ronde twee. Lintincident nummer één. Tegen 42 aan het uur jaag ik de asfaltbult af en mis de afslag naar bossage twee. Er knapt iets. Met het waas nog steeds voor mijn ogen corrigeer ik mijn dwaling en vervolg de route. Ik maak mezelf wijs dat ik dichterbij kom en gééf—herstellen kan altijd nog. Lintincident nummer twee. Ik weet ergens ook wel dat ik linksaf moet, de bomen in, maar ik stuiter remmend de afzetting in, vanwege haastige spoed en over mijn toeren. De aanwezige fotograaf vergeet van schrik af te drukken en kijkt me vragend aan. 'Afslag gemist, doe ik wel vaker', verklaar ik mij nader.
Dit feilloze vermogen tot introspectie kan echter niet verhullen dat rupsje zichzelf hier over de kop aan het rijden is. En anders is er wel die rug, die hevig protesteert, zodra 'ie aanzet voor alweer een shot to nowhere. Welwillend, nietmeerkunnend. Dus: uitrijden, genieten (Dordrecht heeft iets...) en geen dwaze dingen meer doen. Met nog één ronde te gaan, krijg ik een ronde aan de koersbroek (de twee allerrapsten zijn me dan al voorbij). En ik vind het niet erg. Want oefening baart kunst en veldrijden is leuk.
Stay tuned for more total-loss-cross (en voor fotootjes)...



















Henk-Jan:
Hahaha het blijft leuk om je cross verhalen te lezen Bruco, keep going
Reageren