De flos
Toen brucootje nog naar de kermis ging, had je 'de rups'. Dat was de draaimolen voor gevorderden, waar je liefst zónder ouderlijk toezicht, want mét het leukste (of één-na-leukste) meisje van de klas, instapte. De rups bestond uit een aaneengeschakelde rij wagonnetjes op een geaccidenteerd spoor, die alsmaar harder en harder rondtolden. Op topsnelheid ging er een groen zeil over de rups en zat je in het donker lekker oneerbaar tegen elkaar aan te centrifugeren. Eens per ritje liet de exploitant een leren bal zakken, met een soort kwast eraan (wij noemden die 'de flos'). Als je die eraf trok, hadden jij en het meisje van jouw dromen prijs en mochten jullie het volgende ritje weer gratis mee.
Dezer dagen moet het allemaal groter, sneller, sensationeler. Attracties zoals de rups hebben afgedaan (althans, op de 2/3 oktober kermis heb ik er nooit een gevonden): niet oorverdovend, misselijkmakend of geestverruimend genoeg.
Brucootje zelf zoekt zijn vertier inmiddels—na een tussenpoze van enkele kostbare jaren—ook elders. In de koers—kermis voor gevorderden. En dus stond er vanavond een uitje naar pretpark (lunie park?) Swift/Neuteboom Tweewielers Tuesday Terror op het program.
Romantisch werd het niet. Daarvoor was het een ritje met teveel 'spanning en sensatie'. De beschermengelen lieten het weer eens lelijk afweten. En de fysieke en mentale weerbaarheid waren bij brucootje ook niet bepaald dik gezaaid. Ik waande me bij tijd en wijlen in de rups—middelpuntvliedend, 'afgezeild' en (zoals destijds, want ik reed nooit gratis) tevergeefs grabbelend naar 'de flos'. Maar dit was een rollercoaster zonder nostalgie. Dit was het spookhuis.
Brucootje wordt tóch ouder...
De draaimolen kwam langzaam op gang. Ik mocht zowaar voorgloeien op de voorpost en handhaafde me betrekkelijk eenvoudig tussen de eerste bommetjes die werden gegooid. Bollenstreker Stefan—een verdienstelijk tijdrijder die het 't liefst alleen doet—forceerde een driemans kopgroep, met goedvinden van onze Swabo's en andere snokduivels, zoals TNT-er Jaap. Deze vlucht, aldus de logica van de slag, was blijkbaar niet de juiste en zou tergend langzaam worden verijdeld.
Mooi: dat beteugelde mijn 'jeugdigde' overmoed. Ik flirtte in gedachten al met leidersprijspuntjes. Dwaas. Voor 'de flos' had ik betere benen moeten meebrengen. Voor rekkervermijdend koersen leek ik vanavond wél in de wieg gelegd—de groepsdynamica zij dank.
Stefan c.s. waren echter een té aantrekkelijk mikpunt. Menig kermisklant meende iets toe te moeten voegen aan de ondertallige vlucht, met onrust en tempoversnellingen in het péloton tot gevolg. Het zeil ging erover en vóór ik er goed en wel erg in had, parkeerde mijn wagonnetje een stuk lager in de pikorde, om precies te zijn áchter de 'harkema's' van mijn wereld.
'De flos', het hoogst haalbare, werd ineens het dichtsbijzijnde wiel, voorzover betrouwbaar. Bochten werden gaatjes; de Bulti werd een scherprechter; aansluiten werd sprinten. Brucootjes bintfrees draaide dol en/of IJzeren Wil was niet thuis.
Harmonica spelen uitgerekend op het moment dat we het B-péloton moesten dubbelen, was ook niet handig. Ik gokte op een cartouchei in de afdaling (de parkeermeter stond op 56 km/h), maar daar ontspoorde Thomas (op zo'n moment wordt een rugnummer—van welke kleur ook—een mens). Het geluid van aluminium dat schraapt over het asfalt; de aanblik van een gevelde coureur—brucootje kan er niet aan wennen...
Met de daver op het lijf ontweek ik medemens Kees, die van Thomas' weeromstuit uit zijn pedaal schoot en nog wat andere 'reflexen' ten beste gaf. Intussen waren de A's ribbedebie. Ik stak af, liet me inlopen en vatte weer post aan het elastiek. Dat ik vervolgens nóg twee nare valpartijen 'mocht' omzijlen, was er teveel aan. 'De flos' werd gereduceerd tot 'overeind blijven'. Het (op één-na) mooiste meisje van de klas wenste ik niet langer bloot te stellen aan dergelijke risico's; het (niet eens aller-) sloomste jongetje van de klas was voorlopig (?) klaar met de pijnbank. De Finale (laatste twee ronden) liet ik lopen; Brucootje hoefde even (?) geen gratis volgende ritje meer...
Volgende week staat de dinsdagavondcaroussel even stil, vanwege 4 mei. Brucootje zal de gevallenen herdenken, maar moet zich maar niet al teveel gedachten maken over de 'dood' (in alle betrekkelijkheid van het kleine wielrennen, cq het recreatief hardfietsen). Immers, zoals geblogd, van denken word je week...



















Corniel:
En ik maar denken dat het mooiste meisje gewonnen had, gisteren...
Bruco:
Jawel, maar Suzanne zit niet bij mij in de klas.
Reageren