Note to self
Je bent nooit te oud om te leren, zeggen ze. Maar rupsje—die inmiddels de 'meesterlijke' leeftijd van 40 heeft bereikt en alweer zo'n drie à vier seizoenen gerugnummerd, permanent-educatief, rondprutst—is van het hardleerse soort. Ook vanavond, op de Swift/Neuteboom Tweewielers dinsdagavondschool (volwassenenonderwijs voor aspirant-wielrenners), zitten de kinderschoenen hem weer als gegoten.
Er zit lood in die schoenen. Pluvius (en z'n vriendje Jan Hagel) hebben het voorgloeien (huiswerk...) versjteerd. En de gedachte aan vierkante bochten over een natte Bulti doet de Goesting evenmin goed (mentale aquaplaning). Rupsje kan zich maar moeilijk vermurwen om klop te gaan halen.
Tóch meldt 'ie zich om ietsje voor zevenen present—spijbelen is immers voor suikerbeestjes. De opkomst laat te wensen over: slechts drieëntwintig mènne—pakweg de helft van klas A—schuiven aan.
Nessie-survivor Joost steekt als eerste zijn vinger op en stuift vlijtig weg: hij doet een 'Adriaantjei'. Rupsje wil zijn Lijkwagen eerst maar eens in gesprek brengen met het asfalt en laat—eens 'ie zich goed 'van voren' heeft geplaatst—de jacht verder over aan de mènne-met-overschot. Die roeren zich echter niet. De koers verloopt tammetjes en er doen zich amper orde-problemen voor.
Dat is zeer naar de zin van rupsje, die onderwijl zijn diesel laat rondereni en zijn natte-bochtenwerk oefent. Dat gaat voorwaar niet slecht: met iedere ronde duikt 'ie vloeiender de bochten in en verslapt de grip van de versgeschoren billen om de Selle Italia. Op de Bult geen dranghekken, glibberklinkers, trottoirbeton of putdeksels. Welbeschouwd dus weinig aanleiding tot Amateur Angst. De lekke-bandengarantie is evenwel onverminderd van kracht.
Voor De Beul, bijvoorbeeld. Herstellende van een—vanuit rupsjes perspectief—ternauwernood verijdelde ontsnapping (alhoewel... zonder de 'Tandarts-junior' was 't voor De Beul op frietsnijden uitgedraaid) met een sterke Excelsior-leerling (Miel claimt straks de dagzege) rijdt 'ie zich leeg, in de glasbak. DNFi.
Rupsje hangt er dan nog deftig aan, vindt hij. Het péloton spoelt alsmaar verder uit (lekkages, gebrek aan noodweerbaarheid, maar gelukkig geen valpartijen). Niet bijster gedreven of bijzonder goedgebeend, zit rupsje 'van achteren', maar zonder noemenswaardige angusta, te satisficen.
Dom! Eenieder die ook maar iets van de koers snapt, weet dat het niet pluis is aan de rekker. Daar wonen de mènne die ieder moment kunnen 'breken', draaien de bochten het vierkantst, lopen de meeste bandjes leeg, wordt het meest afgeremd en moet het hardst weer worden opgetrokken. En aan het elastiek is het passeren van het B-péloton dubbel ambetant. Ook—of: juist—rupsje zou dit lesje inmiddels moeten hebben geleerd. Hij heeft er menig spreekbeurt aan gewijd, nietwaar?
Om een lang verhaal niet nog langer te maken: rupsje laat zich tot twee keer toe 'verrassen'. De eerste keer door een 'clubloze', die Bult-af, midden op de weg, ostentatief zijn bandenspanning controleert. Gaat 'ie de bocht houden? Rupsje gokt van niet—gelukkig heeft 'ie het mis—en laat uit voorzorg een flink gat. De tweede maal rijdt 'ie zich vast op een parkerende Adriaan en clubkampioen 2009 Joris. Dat is er teveel aan. Adriaan biedt nog aan rupsje, à la VDB, terug naar het péloton te stayeren. Maar rupsje plooit, mentaal. IJzeren Wil geeft niet thuis.
Voor straf moet rupsje enkele rondjes meerijden met de B's. Degradatie... Eens die zijn 'afgesprint' en het leergeld (weer) is betaald, haken rupsje, Stompwijker Arno en sprintkanon Joris hun besmeurde karretjes weer aan bij wat nog over is van het A-péloton. Op een ronde en op hun nummer gezet.
Rest rupsje nog deze (non)weer DFi te 'verzilveren' en met Arno te 'sprinten' om plaats 15 (het verschil tussen drie of de gebruikelijke twee puntjes—voor wat 't waard is). Het behoeft geen betoog dat strijkijzer rupsje dit pleit in zijn nadeel beslecht...
Note to self: Niet Thomas Dekkeren in koers. Want al lijkt dat één-na-laatste wiel nog zo sticky, voor je het weet, gaapt het gaatje. Volgende keer wat harder bijten, als je de benen ervoor hebt. Rekkeren doe je maar in échte wedstrijden, als 't niet anders kan.



















Anoniem:
Een keertje TD-en is niet erg... (Elke keer daarentegen)
Reageren