Opgerekt
Na zondag (voor zijn vriend) en maandag (voor zijn vriendin) wordt 't onvermijdelijk dinsdag en pakt rupsje een momentje voor zichzelf. Aflevering twee in het folterfeuilleton genaamd de Swift/Neuteboom Tweewielers dinsdagavondcompetitie hangt in de lucht; rupsje popelt. Hij moet erbij zijn, want hij wil niets missen; zo'n lente-avondje in de martelkamer al helemáál niet. Dus jast 'ie de veiligheisspelden weer door de '11' en zijn longsleeves en vertrekt 'ie om klokke 18:00 uur voor wat voorgloeien langs De Vliet.
Dat doet rupsje heel goed. Zo blijft hij in de waan dat 'ie zijn lesje heeft geleerd en zich naar behoren prepareert. Bovendien ziet 'ie niet hoe het clubhuis langzaam Swabisch blauw-wit begint te kleuren, hoe de A-startlijst twee keer zo lang wordt en zich laat lezen als een enkele reis Interval-Inferno. De diesel is voorverwarmd; de rest is zever. Laat rupsje maar schuiven.
Natuurlijk ontgaat hem, eens 'ie de Bulti opdraait, niet dat er vanavond veel schoon volk is aangeschoven. Wat zou 't ook? Rupsje beschouwt wat na met de Zigeuner over een geslaagd CK en wat voor over de mérites van lek rijden vóór de wedstrijd (Le Gitan overkomt dit vandaag; rupsje duidt dit als een Goed Voorteken) en sluit ogenschijnlijk ontspannen als laatste aan in de startrij. De Voorzitter houdt weer eens een goed verhaal. 'Amalgaam?', verifieert een van de 46 starters. 'Nee, jûh: gáán!', corrigeert een ander.
Da's gemakkelijker gezegd dan gedaan. Rupsje blijkt zichzelf te hebben geparkeerd achter een geel rugnummer (toebehorend aan een B-tuesday terrorist; die starten één minuut later); een démarrage (waarschijnlijk van klasbak-junior Chris) vanuit de Van der Salmbocht doet 't A-pak exploderen en rupsje klokt een nieuwe MaxSPD van het seizoen. 57 per uur; nét genoeg om naar het laatste wiel te harkeni.
Van meer heeft rupsje, voorgegloeid of niet, niet terug. De Swabo's—voor al uw sloopwerken—wél. Die gelasten een collectieve straftraining in. Straffe kost! Dus rupsje blijft maar sprinten om aan die vermaledijde rekker te blijven. Laat rupsje eens opschuiven, denkt 'ie. Maar de benen denken niet mee.
Na vier rondjes tandvleesvlassen voelt rupsje de Lijkwagen 'driften', bijna onderuitschuiven. Lek? De benen zeker; de bandjes—zo leert een niet-onwelkome pitsstop—kunnen ook wel iets meer druk gebruiken. Rupsje pakt één ronde vergoeding (plus wat 'onvolledig herstel'), pompt er wat barretjes bij, herbetreedt het parkoers en laat zich inlopen door het péloton. Dat komt zó hard voorbij, dat rupsjes haren bijna uit zijn beenstukken waaien. Aanzetten, aanklampen en maar hopen op Betere Tijden.
Tien minuten later hoort rupsje—hij heeft daar een Zesde Zintuig voor—hoe er in het langgerekte péloton iets misgaat. In een reflex stuurt 'ie om wat uitwijkelingen heen; in zijn ooghoek ziet 'ie iemand liggen. De Beuli, zijn maat, is down & out (uit 't pedaal geschoten; dermatologisch gehavend—leert rupsje later uit eerste hand). Nog voor 'ie kan denken 'Klotesport!', poeft rupsje alweer richting uiteinde elastiek. Het péloton is geen onmens, doet 't—met 't oog op de de te verrichten EHBO-werken—heel even rustig aan. Maar zodra duidelijk is dat niemand het leven heeft gelaten, wordt het beest weer wakker.
Voor rupsje hoeft dat niet. Beter gezegd: rupsje hééft het niet. Hij kan, wil en vermag niet langer te volgen, bij de gratie van het elastiek. Na een half uur gooit 'ie zijn uitgewrongen handdoek in de ring. Met excuses aan Pim ('Nee, rupsje, niet doen. Niet lossen!') en eventuele andere stervende zwanen aan zijn wiel. Rupsje laat zich er wederom afschuiven. D verdoeme N godmiljaar F.
Aldus wordt de Tuesday Terrori Time opgerekt tot een luttel halfuurtje. (Dat deed 'ie vorig jaar, gemiddeld gezien, toch beter...)
Er zijn leukere dingen die je 'voor jezelf' kunt doen. Maar ook veel ergere...
Boiai, take care! You'll be back... Net als de Snokmaster, trouwens, die ik vanavond vanuit het juryhok voorwaar zijn Herintrede zag doen in de B-categorie. De Bult bloeide op!



















Pim:
Ha ha ha, das weer eens lachen Bruuc!
Het is echt véél leuker om een 'achteraf' verslag te lezen dan 'live' op de rekker te zitten...
Ikzelf heb ook behoorlijk moeten afzien, die 41.3 gemiddeld geen niet vanzelf. Ik troost me met de gedachte dat ik op de rekker nòg harder heb moeten rijden dan noodzakelijk. Volgende week 2de rij?
Ottie:
Zelfs voor een volkomen outsider is dit zeer vermakelijke kost!
Briljant stukkie tekst weer.
Corniel:
Ik zat thuis met een verrekte nekspier te balen dat ik niet kon meerijden. En te smachten op je verslag. Voorwaar, hier is het. Ik heb genoten. Hopelijk volgende week hersteld en aan de start.
Roel:
Die eerste demarrage kwam van mijn hand! Ik kreeg Gijs vd Bent mee, maar dat duurde niet lang, want Selmar denderde over ons heen, en wij konden toen niet aanklampen. Overigens was ik zowaar 4e! Wel pittige strijd, het tempo lag enorm hoog.
Reageren