Droomstart
Rupsje is niet zo van de uitslagen en klassementen. Meedoen is belangrijker dan winnen, afzien gaat 't best in de achterhoede en dat soort geneuzel. Het Swift Clubkampioenschap Cross, echter, zet me toch wel onder druk. Niet alleen is het, wat mij betreft, de meest prestigieuze titel; 't is ook de enige wedstrijd waarin ik kans maak op eremetaal.
Ruim een uur voor de start peddel ik naar de club, benieuwd naar wat de regen en de hoge temperaturen van de afgelopen dagen hebben aangericht. Dat kan ik wel raden: het wordt drekscheppen vandaag, in van dat vieze grijze kerstweer, met gelukkig wel wat volk aan de linten.
Ik ben ook benieuwd naar de Oppositie. Zullen Hans en Petr hun psychologische oorlogsvoering over plaats één en twee doorzetten tot op de meet? Is Gerard gebrand op plek drie, die ik voor mezelf heb gereserveerd (vorm of geen vorm)? Wie komen er eigenlijk nog meer, wie ontbindt zijn dark horses? Crossers zijn bij Swift in onze leeftijdscategorie dun gezaaid. Jammer.
De stemming in de kleedkamer is uitbundig. Het ruikt er zo lekker naar olieën waar ik verder niets van weet. De Swabo-mènne (Davey, Nick, Siebe, Ronald en Sven), een aparte categorie—waarover straks meer, zijn elkaar aan 't dollen. Nick doet enkele Erwin Vervecken-imitaties; dat kan 'ie best goed, voor een Randstad-modderrijder. Davey is voor zijn doen opvallend rustig: zou dit ook voor hem een Belangrijke Wedstrijd zijn (je bent immers niet overal titelverdediger—al is 'ie overgestapt naar de élites)? Voor mij in ieder geval wel; ik ben zowaar zenuwachtig.
Tijd voor de warming-up. In het veld merk ik dat het er glad en zompig bij ligt, dat de fiets snel volloopt en dat de benen niet direct beginnen te jubelen bij dit alles. Beperk me dan maar tot kringetjes draaien op 't asfalt en enkele keren voor de vorm optrekken. Is 't nu nóg geen elf uur?
Opstellen voor de start. Juryman Jan geeft nog wat instructies. Ik hoor ze niet, maar wat zou 't. Laat ons maar gewoon vertrekken, zo hard mogelijk. Niet dat ik dat fijn vind, maar in mijn categorie rijden er vandaag rond die dat nóg minder fijn vinden. Ik heb zowaar een plan. 'Methode Wennemars': zo hard mogelijk vertrekken, onderweg sterven een aan de finish de schade opmeten.
Het clubkampioenschap wordt vrijgegeven. Ik aarzel heel even (moeten wij met de Swabo's mee?), zie twee-derde van het podium—Petr en Hans/Hans en Petr—wegrijden en geef dan toch maar gas. Net na de bocht, nog voor 't eerste 'knikje' veld, zit ik pal in de wielen. In de U-bocht (normaliter mijn calvarie) schuif ik een plek op en in de daaropvolgende terrein nog een. Grupetto compatto, featuring yours truly. Droomstart!
En een valse start. De overige veteranen/toerders/amateurs B (Pim, Gerard, Theo, Dick, Leen en—buiten mededinging—Wieslaw) zijn doodleuk blijven staan. Hans, Petr en Bruco worden teruggefloten. Verdoeme, bén ik een keer lekker weg in een cross, is het om niets.
De herstart is duidelijk minder furieus. Hans en Petr gooien nog een bommetje, en slaan een redelijke krater. Ik baal, maar kan die 'energie' niet omzetten in snelheid. De benen waarmee ik 't vandaag mag doen, gaan me niet heel ver brengen. Het koppie wil nog wel, het is en blijft immers cross en een CK rijd je maar een keer per jaar. Ik word op de hielen gezeten door enkele podiumplaatsbedreigers.
Achter me komt Pim ten val, omkijken is geen optie want dan ga ik zelf onderuit op deze glijbaan. Wieslaw, alias Mr. Go Go Go, is de eerste die me bij de kladden (waar dus de klad in is gekomen) vat. 'Wel ja, jôh. Toe maar weer,' denk ik. 'Ik weet ook wel dat ik langzaam rijd, maar mij een beetje voorbijrijden op je aftandse MTB. Pfff.' Ik schat echter in (correct, naar later zal blijken) dat ik ietsje langer kan blijven spartelen en ietsje minder verval zal tonen dan onze Poolse gast. Hetzelfde geldt voor Theo (DNFi).
Meer zorgen baart Gerard, podiumpretendent en ervaringsdiesel met techniek en inhoud. Ergens in ronde drie kachelt 'ie me voorbij. Ik rijd in een figuurlijk wak en ben letterlijk van het pad. Moet eventjes passen. Nét iets te lang, dat kan me de 'race' kosten, gezien het feit dat Gerard doorgaans niet instort en ik wel. Mèn wat zijn die benen zwaar en wat klontert de Ridley vol. Weegt vast vijftien kilo op dit moment; zijn we samen met 100 schoon aan de haak 'onderweg', wat een diepgang.
Wieslaw 'Go Go Go' haal ik inderdaad terug, al kan de timing en locatie beter: veel te laat in de koers en in het zogenaamde 'Kippenbos', waar het zo ongelooflijk zuigt dat ik er eigenlijk beter was gaan rennen. Maar met een zere rug is dat niet evident en dat stuurloze geglibber heeft ook wel weer iets. Jammer dat onze Pool tot drie keer toe parkeert, dat ik er niet langs kan en de inmiddels aangesloten Penningmeester Dick wél. Dju, ik rijd op plaats vijf. In iedere andere wedstrijd teken ik daar direct voor, maar het is naast het gedroomde podium. Een heel eind ernaast.
De pijp is, wederom, (te) snel leeg. Zoveel zit er nog steeds niet in de tank. Intussen heeft Hans (1) Petr (2) definitief op afstand gereden. Gerard (3) zie ik niet meer terug. Op Dick maak ik nog de nodige meters goed, maar 45 minuten plus één ronde is te weinig om nog iets aan de uitslag te veranderen. Trouwens, ik zit zo stuk dat ik eigenlijk niet meer aan crossen moet denken. De rug zit inmiddels helemaal vast. De Ridley is ook toe aan een wasbeurt: na de voorlaatste kippenbospassage draait het voorwiel nauwelijks nog rond.
Volgend jaar ga ik er weer aan staan. Let dan maar 'ns op...
















Carbonfire:
Uit de foto's blijkt overduidelijk: in de categorie 'korte broek' heb jij podium gereden!
Reageren