Het is geen wedstrijd, maar toch...
De Traditie wil dat de LRTV Swift op de eerste zondag van februari begint met een serie van vier Haarlemmermeertrainingen. Een km-tje of tachtig, waarvan de eerste circa zestig worden gereden in 'gesloten formatie' en de laatste twintig als 'koers'. Volgwagen erbij, hooggespannen verwachtingen (sommigen nemen deze uitstapjes zeer serieus) en hier en daar ook wel wat bedremmelde gezichtjes, niemand die in de winter ook maar één ruk heeft uitgevoerd, nee ik ga alleen maar lekker toeren—dat soort werk.
Het stuk in 'grupetto compattoi' was heerlijk. Het péloton was zo'n 50 man sterk. Lekker de beentjes laten wapperen met de wind in de rug, en een beetje bijkletsen met deze en gene. Intussen natuurlijk wel alert voorin zitten, want je kunt maar beter niet worden verrast door een extra-reglementaire démarrage of een stuurfout van een minder ervaren collega.
De animo voor kopwerk nam af naarmate de wind meer in het nadeel draaide. Het 'verdikte'; het tempo stokte. Ter hoogte van Nieuwebrug reden vier mènne stilletjes, maar wel overtuigend, weg. Ik zag 't gebeuren, aarzelde eventjes (we zouden immers samen blijven), maar liet 't instinct tòch zegevieren en gaf het binnenblad de 120+ RPMi sporen. De eerste 'kopgroep' van het jaar... Want ik had helemaal niemand aan m'n wiel, terwijl mijn 'jump' toch allesbehalve verwoestend was. Het moet de wind zijn geweest, in combinatie met de verkeerde mènne op het verkeerde moment voorin.
Naar de vluchters toerijden was niet evident; erbij blijven ook niet. De bordjes moesten wèl leeg. Gelukkig draaide het goed rond in ons vijfmanswaaiertje. 'Lords of the Ringvaart'. Af en toe was 't tanden bijten, bijvoorbeeld als iemand 3 km/h harder overnam dan zijn voorganger, of als je dankzij die nare verkeersremmers waarmee de Ringvaart tegenwoordig ligt bezaaid, even de wind vol in je smoel kreeg, twee kopbeurten te vroeg.
Uiteindelijk bleven we met z'n drieën over: Henkarello, de Snokmaster (alias de Zelfverklaarde Wielerlegende) en ik. Tot onze verbazing bleek onze vlucht de beslissende (is normaliter niet m'n gewoonte om 'erbij' te zitten) en werden we niet teruggehaald. Ook niet door onze Swabo-elites (al was er wel eentje op komst). De smaak van het 'brons' maakte me ietwat verzadigd, dus volgorde van het passeren van de imaginaire eindstreep interesseerde me niet zoveel. Ook Henkarello hield de ketting op het binnenblad; hij riep de Snokmaster uit tot de sterkste. Die protesteerde niet, uiteraard (dat had 'ie tijdens de vlucht al genoeg gedaan).



















Reageren