Zotte Zondag #3: Jour sans

nl
Achterstevoren

'Bruco aan machinekamer. Over.' 'Hier machinekamer. Over.' 'Kolen op het vuur! En een beetje rapido! Over.' 'Kolen zijn op. En de stokers zijn al naar huis. Zoek 't maar uit. Over en sluiten.'

Vroeg, veel te vroeg, hijs ik me in het lycra, werk m'n bammetjes en een sloot koffie weg en spoed me naar het clubhuis. De Tour Éite is massaal aanwezig (mènneke of dertig), en schrikbarend wakker. De 'prof' zit als vanouds te zemelen over lossen en gelost worden (zijn obsessie—vandaag zou 'ie 't niemand gaan inwrijven, want zelf aan 't kortste eindje trekken). De rest heeft er gewoon zin in.

Sommigen hebben er zelfs héél veel zin in. De eerst tien km gaan nog wel, maar dan wordt de ene na de andere bom gegooid. Ik test mezelf enkele malen in de vuurlinie en constateer dat 't niet voor vandaag is. Geen lekker gevoel. Terugwaarts pedaleren en achterstevoren op de fiets zitten.

De eerste schifting overleef ik (het halve péloton gaat overboord). Op 't tandvlees. Harkend achter de waaieri. Altijd zijwind als je slecht zit... 'Bij hun doet 't nu óók zeer', houd ik me voor. 'Het valt zo wel weer even stil.' Is ook zo. Peentjes zweten, afzien en soms voor de vorm wat meedraaien. Maar 't gaat niet van harte.

Met name Il Boiai rijdt als 'the man possessed'. Die tijdrittrainingen doen 'm blijkbaar goed. Mij niet. Wil 'ie samen met mij een ontsnapping op touw zetten, de boel nog wat uitdunnen. Ook dat nog. 'Ik zit te eten, dwaas! En ik ben niet vooruit te branden, vandaag, was je misschien al opgevallen.' Nee dus.

Wonder boven wonder blijf ik eraan hangen. Ook als 't tempo windje mee op een nieuw stuk superasfalt omhoog wordt gejaagd. Dááág 'prof'. Sorry, die en die en die... Maar de Finale gaat lastig worden, da's duidelijk.

We rijden door Waddinxveen en dan is 't oppassen. Niet voor het verkeer, maar voor de polder die komen gaat. Waaier alert! Dus hijs ik me naar voren; geen zin om met deze benen op 't kantje te gaan klooien. Maar in het geworstel kom ik daar toch terecht (me verbazend over het gebrek aan valpartijen). Als je niet goed bent, zit je altijd verkeerd.

De genadeklap krijg ik van twee patriotten die 't spel-op-de-wagen onaangekondigd laten lopen en een flink gat laten vallen. Kan ik erlangs? Niet rechtsom, want daar zwabbert die mijnheer op zijn mooie Specialized nèt naartoe. En bedankt! (Niet hardop, want hij kan 't ook niet helpen dat ik verrot ben.) Dan maar linksom, met inmiddels wat extra metertjes om goed te maken.

Altijd fraai, zo'n solo. 'Toe nou, mènne, val nog 'ns één keer zo mooi stil.' Doen ze niet, de snoodaards. Tien meter worden er twintig. Bruucje houdt 't nog een poosje op dertig meter, maar is natuurlijk grandioos gezien. Acht kilometers om daarover na te denken. Of niet. En dan aanschuiven in het clubhuis, om te vernemen dat er nog wat cartouches tegenaan zijn gesmeten. En dat de 'Baviaani' uiteindelijk over het hardste eindschot kon beschikken.

Reageren

Wordt niet aan de grote klok gehangen.
Voor bezoekers met een webstek/blog: vink dit vakje aan en CommentLuv plaatst een link naar uw meest recente websel/blogsel. Een ogenblik geduld terwijl uw site wordt nagevlooid...
;